dinsdag 3 juni 2014

Deel 5: Als je dan al nieuwe spelers hebt, hoe goed zijn ze eigenlijk?




Zoals we in het vorige blog zagen, heeft de Spaanse bondscoach Del Bosque slechts zes nieuwe spelers opgeroepen in vergelijking met 2010. Logischerwijs zal hij dan ook voor ongeveer dezelfde basis kiezen als in de finale tegen Oranje, met dezelfde tactiek. Op zichzelf nog wel logisch ook hoor, vooral als we bedenken dat die spelers ook al twee keer de Europees kampioen zijn. Maar op een zeker moment is het natuurlijk wel gedaan met de glorie. Of je nou Roger Federer heet, of Tiger Woods, hoe groot je talent ook is en toegewijd je professionalisme; er komt een moment dat je over de top bent. Nu kan je als tennisser, of golfer niet even een nieuwe arm aanzetten, in een voetbalelftal kun je wel nieuwe spelers inpassen. Maar heeft de Spaanse bondscoach eigenlijk wel wat te wisselen?

Laten we er dan eens vanuit gaan dat Del Bosque ook tot het inzicht komt dat de oude basis niet meer voldoet en andere spelers gaat inpassen, en daarmee tactisch andere accenten legt. Dat laatste is niet altijd noodzakelijk, maar de internationale successen van Spanje volgden het Barcelona-systeem, en dat was opgehangen aan enkele exceptionele talenten én een hele goede trainer. Spelers wisselen, betekent in mijn ogen dan ook een ander systeem. Maar goed, even inzoomen op de spelers. Als hij dus al met andere spelers aan komt, dan kom je uit bij Mata, Diego Costa, Koke, of Cazorla. Stuk voor stuk aardige spelers, die allemaal in de (sub-)top van Europa spelen. Het ontbreekt ze echter nog wel aan de prijzenkast zoals de oude garde die wel al heeft. Ook op Europees clubniveau hebben ze nog niet kunnen overtuigen. Het zou zomaar kunnen dat zij dan ook niet die exceptionele kwaliteiten hebben. In ieder geval zijn dit soort nieuwkomers onvoldoende in staat om een aangeslagen (want zonder de zekerheden van weleer) team te leiden, en tactisch naar hun hand te zetten.
De enige nieuwkomer die, zo op het eerste gezicht, zo bepalend kan zijn om een team nieuw elan in te blazen is Diego Costa. Deze geboren Braziliaan is de echte spits met een neus voor de goal. Hij is wel al een tijdje geblesseerd, maar toch geselecteerd. De stand van zaken op het moment van dit schrijven is dat hij hoopt de wedstrijd tegen Nederland te halen. Nu hebben we eerder gezien waar zijn hoop toe kan leiden: in de Champions League finale viel hij na een minuut of 7 uit; het ging echt niet. Blijkbaar had hij zijn coach overtuigd dat hij toch moest beginnen, maar verantwoord is het niet. Maar ook wat Costa betreft heb ik zo mijn twijfels. Hij heeft één fantastisch seizoen gedraaid bij Atletico Madrid, na vijf vrij kleurloze jaren bij kleinere clubs in de Spaanse eredivisie. Ooit had Heerenveen zo'n Braziliaan lopen die een seizoen lang elke willekeurige bal tot goal omtoverde. Hij haalde er de nationale selectie mee, maar daarna is er weinig meer van hem vernomen. Misschien is het beter om Costa niet de druk te geven dat hij het team wel even op sleeptouw zal nemen. En dus is er maar een conclusie mogelijk: Spanje heeft een niet alleen een oud team, maar het ontbreekt in de selectie ook aan een nieuwe lichting spelers die het team op moeilijke momenten een frisse impuls kan geven.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten