We hebben het de afgelopen weken regelmatig gehad over de psychologische
kanten van de sport en hoe je haar mysterieuze krachten in jouw
voordeel kan laten werken. Zoals het tot nu toe in positieve zin werkt voor
Oranje, zoveel moeite lijkt gastheer Brazilië het ermee te hebben. De stress straalt van het elftal af en er lijkt geen lijn in het spel te ontdekken. De rol van de
coach is daarbij van wezenlijk belang, maar is Felipão nog wel de ijzeren
veldheer van weleer?
Felipe Scolari is een echte Gaucho en Gauchos zijn, zoals we in
het blog over Porto Alegre (zie: deel 18: Porto Alegre, verdeelde voetbalstad in het zuiden) al zagen, geharde cowboys. Zo smeedde hij in 2002
een nationaal elftal dat niet het meest in het oog springende voetbal speelde,
maar weinig kansen weggaf én voorin een supertrio had staan met Ronaldo, Ronaldinho en Rivaldo. Hij behaalde er de vijfde wereldtitel mee. En al eerder in zijn loopbaan had Scolari zo’n team gebouwd bij Gremio
en met hen het Braziliaans kampioenschap behaald, de Copa dos Libertadores
gewonnen en bijna de wereldbeker (tot Danny Blind de beslissende penalty nam en Ajax alsnog won). Dus toen
Scolari de overstap maakte naar het Europese continent en in dienst trad
als bondscoach van Portugal was de opdracht duidelijk: Europees kampioen worden in eigen huis.
Het jammerlijke falen in de finale van de EK 2004, toen de onooglijke vechtploeg van
Griekenland weer eens met 1-0 won, werd gepersonificeerd door de steeds wanhopiger
met zijn armen zwaaiende Scolari. Ook zijn tijd bij Chelsea was weinig succesvol, maar toen de seleção in de aanloop van de
Confederations Cup in 2013 totaal niet draaide, haalde de Braziliaanse bond
Scolari weer binnen in een ultieme poging om het WK in eigen land ook op
sportief gebied te laten slagen.
Nu, een jaar na dat succesvolle toernooi in eigen land, is
de seleção verworden tot een zenuwenploeg. Er zit geen rust in, geen overleg,
geen plan. Als de bal wordt veroverd gaan er allerlei gele mannetjes rennen in
de hoop dat door een kluts, of een individuele ingeving een doelpunt wordt
gescoord. De looppatronen van Brazilië laten dan ook zien dat alles door het
midden gaat; van het oer-Braziliaanse systeem met opkomende backs is weinig meer over, die lopen
als een kip zonder kop over het veld zonder daadwerkelijke inbreng. Daarbij
laat Scolari langs de lijn zijn ongenoegen met van alles en nog wat in woord en
gebaar blijken, waardoor zijn spelers alleen maar worden bevestigd in hun
twijfels. Resultaat tot nu toe is dat, anders dan Oranje, Brazilië niet wist te winnen van Chili en Mexico. Wel staat Brazilië in de kwart finale, maar de
tegenstand neemt elke ronde toe: het soepel spelende Columbia is de volgende; Brazilië moet serieus beter gaan spelen.
Nu speelt Felipão zijn eigen psychologische spelletje. Hij
zoekt de confrontatie met de nationale pers met het argument dat ze zijn ploeg
zo hard aanpakken, vooral in vergelijking met andere teams. Opvallend is dat hij
daarbij regelmatig Oranje opzoekt, maar daar zullen we komende weken nog
aandacht aan geven. Een ander, voor mij onbegrijpelijk, spel speelt hij intussen met zijn spelers. Nu overweegt hij weer wissels toe te passen met het argument
dat de huidige spelers niet voldoen. In plaats van het positief uit te leggen (iets
als: de komende tegenstander vraagt om een andere aanpak), brengt hij alleen
maar weer twijfel aan. Ook overweegt Scolari terug te grijpen op de succesvolle
tactiek van 2002, namelijk met een extra centrale verdediger. Dat lijkt slim gezien de ruimte die de huidige verdediging regelmatig weggeeft. Maar het betekent dan weer wel dat je een man op het middeveld inlevert, dus het hele elftal anders moet gaan staan. Veel afwachtender, waarna de spitsen voorin optimaal gebruik moeten maken van de ruimte die hen geboden zal zijn Een slimme zet, of een noodgreep bij
gebrek aan beter? In ieder geval heeft Scolari nu niet de beschikking over zo'n supertrio als in 2002.
![]() |
| Scolari met Neymar: nog heel wat praatsessies te gaan. |
Nu is er aan psychologen geen gebrek in Brazilië. Sterker nog,
het land kent meer psychologen dan welk land ter wereld ook. En ze lijken nu meer nodig
dan ooit. Voorafgaand aan de penalty’s tegen Chili kwam de aanvoerder in beeld. Hij
zonderde zich af, ging langs de kant zitten en zijn vochtige ogen leken vooral te
smeken om hem geen elfmeter te laten nemen. Vergelijk dat eens met Robben,
Sneijder, of Kuyt in hun begeleiding van jonge collega’s, of de manier waarop
Huntelaar de bal pakte om in blessuretijd de penalty tegen Mexico te nemen.
Kijk eens naar de emotie die los kwam bij de seleção toen ze de achtste finale
overleefden en de keeper in tranen verklaarde dat dit alles goed maakte wat in
2010 mis ging. Ik denk alleen maar: hoe moet dat nou zo meteen, tegen Colombia,
of nog later in het toernooi? Kun je je voorstellen dat dit team een finale in
het eigen Maracanã gaat spelen en daarmee het trauma van 1950 gaat wegspelen?

Geen opmerkingen:
Een reactie posten