vrijdag 27 juni 2014

deel 29: vrijdag, rustdag

Op de vraag wat hij tijdens zijn rustdag had gedaan, antwoordde Bruno Martins Indi: "Ik ben wezen liggen". Nu is dat één manier om zo'n dag door te komen, maar voor de vaste volgers van het WK is een wedstrijdloze dag een lastige. Die heerlijke routine van een vast schema, duidelijkheid over wie, waar en hoe laat, en dat je met een gerust hart de rest van de wereld even naar de achtergrond kunt verschuiven. Voetbal als belangrijkste bijzaak in het leven. Maar goed we doen er niets aan. Het is rustdag voor ons, WK watchers en we moeten er maar het beste van maken.

We hebben in de blogs voorafgaand aan het WK gezien dat het voor Oranje belangrijk was om tegen Spanje met winst te beginnen. Andere landen zien dat anders en proberen de eerste wedstrijd vooral niet te verliezen. Dat brengt een systeem met groepen nu eenmaal met zich mee. Verlies in de eerste wedstrijd is natuurlijk niet gelijk dodelijk, maar het zet je wel gelijk op achterstand en dus veel druk voor de volgende wedstrijden. Algerije en Griekenland zijn twee van die voorbeelden die zich voor hun eigen doel ingroeven, toch de wedstrijd verloren, maar zich uiteindelijk wel plaatsten voor de achtste finales. Die laatste ploeg speelt sowieso op resultaat; ze scoorden pas twee keer en hebben ook in eerdere toernooien laten zien dat ze met minimale resultaten een enkele keer best ver kunnen komen. Dat Algerije in de volgende ronde staat is wel een mooi verhaal. In 1982 waren ze er heel dicht bij, maar gooiden Oostenrijk en Duitsland het op een akkoordje en knikkerden daardoor de woestijnvossen uit het toernooi. Nu hebben ze tegen Zuid Korea laten zien dat ze wel degelijk kunnen voetballen en hielden uiteindelijk een traditioneel voetballand als Rusland knap achter zich.
Maar, afgezien van een enkele, traditioneel verdedigende ploeg, is dit WK niet defensief begonnen. In totaal is er in 48 wedstrijden 136 keer gescoord. Een gemiddelde van 2,83 per wedstrijd! Daarmee komt het record van 1970 (2,97) zelfs in de buurt. De laatste twee WKs leken een aanwijzing te zijn dat er meer behoudend wordt gespeeld en er dus ook minder gescoord werd: gemiddeld 2,3 goals per wedstrijd. In 2006 was er bovendien maar één speler die meer dan drie keer scoorde: Miroslav Klose.
Klose ook verbaasd over Duitsland's uit-shirt; precies Flamengo!
De enige spits in de huidige selectie van Duitsland scoorde in de wedstrijd tegen Ghana zijn 15de goal op een eindronde en evenaart daarmee de Braziliaan Ronaldo.
Nu zijn er al drie spelers zijn met vier goals. En dat is wel een mooi rijtje hoor: Müller, Messi en Neymar, oftewel Duitsland, Argentinië en Brazilië, drie landen die onderling de helft van alle wereldtitels hebben verdeeld. Maar goed, terwijl er in 2006 in de finale-fase nog geen 2 doelpunten per wedstrijd werden gescoord, in 2010 was dat al meer dan drie. Dus laten we hopen dat die trend zich doorzet en we nog veel doelpuntrijke wedstrijden tegemoet kunnen zien.

Dan nog even over de geografische herkomst van de landen in de achtste finale. Wat vooraf al werd verwacht doen de Latijns Amerikaanse landen het uitstekend. Het 'thuis'voordeel is overduidelijk: dat tienduizenden fans Uruguay, Colombia of Chili ondersteunen; dat is de afgelopen decennia niet voorgekomen. Met Brazilië (voor wie het huisvoordeel tot nu toe vooral stress lijkt op te leveren) strijden zij om een plek in de halve finale. Naast deze landen gaan ook Costa Rica, Mexico en de USA door. Zij completeren met Argentinië het achttal landen uit de Amerika's.
Een tweede groep landen zouden we met een beetje rekken Noord-West Europa kunnen noemen. Nederland, Duitsland,België, Frankrijk en, vooruit, Zwitserland, hebben weliswaar geen thuisvoordeel, maar ik zie hun succes vooral in het licht van hun fysieke en mentale weerbaarheid. Daarin denk ik dat Nederland en Duitsland het verst zijn en dus de grootste kans hebben op de finale.
Ter completering hebben we, dus, Griekenland en Algerije (zie boven), maar gelukkig ook nog een vertegenwoordiger uit sub-Sahara Afrika: Nigeria. De Super Eagels zijn tot nu toe niet heel erg opgevallen, en tegen Frankrijk hebben weinig mensen veel vertrouwen in een plek in de kwartfinale. Al met al kunnen we vaststellen dat voetbal weliswaar een mondiale sport is, maar dat de traditionele regio's blijvend de bovenhand spelen.

Lastig dus, zo'n rustdag. Wel kun je je fantasie even de vrije loop laten en je eens een voorstelling gaan maken over de finale, straks in het Maracanã stadion. Voor de nodige spanning zou het toch gewoon fantastisch zijn als Brazilië de finale haalt. Maar stel je dan eens voor tegen Argentinië, twee landen die elkaar, vooral op voetbalgebied, ronduit haten. De spanning zal velen te veel worden. Of wat dachten we van Oranje als tegenstander? Het zou de mooist denkbare affiche worden in de geschiedenis van Oranje. Mooier dan het Parkstadion in 1988, wat mij betreft. Het wordt geweldig en ik heb er ongelooflijk veel zin in. Dus wat mij betreft mag deze rustdag snel voorbij zijn: morgen de eerste achtste finales tussen Brazilië en Chili, en Columbia en Uruguay.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten